Omgevingswet

De Omgevingswet, die sinds 1 januari 2024 van kracht is, brengt veel bestaande wetten en regels samen in één overzichtelijk geheel. Dat maakt het makkelijker om te zien wat er wel en niet mogelijk is in onze leefomgeving. Tegelijk biedt de wet meer ruimte voor ideeën en initiatieven van inwoners, ondernemers en verenigingen.

Elke gemeente stelt onder deze wet een omgevingsvisie op: een langetermijnplan voor de toekomst van de leefomgeving. Hierin leggen we vast wat we belangrijk vinden, welke activiteiten waar kunnen plaatsvinden en welke kwaliteiten we willen beschermen en versterken. Initiatieven dragen bij aan een fijne, veilige en aantrekkelijke leefomgeving voor iedereen.

Want uiteindelijk willen we allemaal hetzelfde: een plek waar het prettig wonen, werken en recreëren is. In de gemeente Opmeer maken we daar samen heldere afspraken over. De Omgevingswet biedt daarbij ruimte voor maatwerk, zodat goede ideeën echt een kans krijgen.

We bouwen voort op wat al goed is, en werken samen met u aan nieuwe verbeteringen. Zorgvuldig, maar ook met energie en daadkracht. Zo zorgen we ervoor dat Opmeer een gemeente blijft waar u zich thuis voelt – en waar ook jongeren graag willen wonen, werken en hun toekomst opbouwen.

Omgevingsvisie

Alle gemeenten in Nederland moeten een Omgevingsvisie opstellen. Dat is wettelijk bepaald. Een omgevingsvisie gaat over de toekomst van onze woon- en leefomgeving en over onderwerpen die daarop van invloed zijn, zoals verkeer en vervoer, wonen, water, milieu, landbouw en duurzaamheid. Maar ook sociaal-maatschappelijke onderwerpen komen aan de orde. Bijvoorbeeld hoe we omgaan met voorzieningen en vergrijzing. 

De gemeente stelt 1 omgevingsvisie voor het hele grondgebied vast. De landelijke wetgeving en provinciale omgevingsvisies geven al wel richting aan waar we in onze gemeentelijke omgevingsvisie rekening mee moeten houden. Maar ook het Pact van Westfriesland geeft al richting aan onze koers voor de toekomst van Opmeer.

Wanneer is onze visie klaar?

Opmeer streeft ernaar om begin 2027 de omgevingsvisie klaar te hebben. Deze visie gaat de huidige Structuurvisie Opmeer 2025 vervangen en gaat over alle beleidsterreinen in de fysieke leefomgeving. Als basis voor de omgevingsvisie werken we eerst, samen met inwoners, ondernemers, vertegenwoordigers van maatschappelijke organisaties en medewerkers van overheden en uitvoeringsorganisaties, aan de Toekomstvisie Opmeer 2030.

Wie werken mee aan de Omgevingsvisie?

Eigenlijk wij allemaal! Inwoners, verenigingen, organisaties en ondernemers bespreken gezamenlijk hoe onze leefomgeving er in de toekomst uit komt te zien. We bepalen welke ruimte er is voor ontwikkeling en bijvoorbeeld waar de natuur voorrang heeft en houdt. We zijn samen verantwoordelijk voor de kwaliteit en ontwikkeling van onze leefomgeving. Daarom worden er in het proces van het opstellen van de omgevingsvisie Opmeer momenten georganiseerd waarop inwoners, ondernemers en organisaties mee kunnen denken.

Omgevingsplan

We werken de omgevingsvisie uit in één omgevingsplan. In dit plan komen alle gemeentelijke regels voor de fysieke leefomgeving samen. Denk aan regels over bouwen, milieu, water, natuur, gezondheid, monumenten en hoe we onze ruimte gebruiken.

Het omgevingsplan vervangt de huidige bestemmingsplannen en verschillende losse verordeningen, zoals regels over bouwen, geur en monumenten. Zo ontstaat één duidelijk en overzichtelijk geheel.

We stellen het omgevingsplan stap-voor-stap op. Uiterlijk op 1 januari 2030 moet het plan klaar zijn. Tot die tijd vormen de bestaande bestemmingsplannen en de beheersverordening samen een tijdelijk omgevingsplan.

Uw inbreng is daarbij belangrijk. Inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties kunnen actief meedenken over de inhoud van het definitieve plan.

Net als de omgevingsvisie is het omgevingsplan een verplicht onderdeel van de Omgevingswet. In het plan staat straks helder wat er in uw omgeving wel en niet mogelijk is. Regels die nu nog verspreid staan, brengen we hierin overzichtelijk bij elkaar.

Wat is het?

Wilt u weten wat er in het omgevingsplan van een bepaald gebied staat? U vindt dit op omgevingswet.overheid.nl/regels-op-de-kaart. In het omgevingsplan komen de belangrijkste regels voor de fysieke leefomgeving samen. De verschillende onderdelen, zoals bodem, water en lucht, geluid, geur of externe veiligheid kunnen in het omgevingsplan geregeld worden. Maar ook hoe de grond in een gebied en de gebouwen die daarop staan, gebruikt mogen worden. Een gebied is bijvoorbeeld bestemd voor bedrijven of juist alleen voor woningen. De gemeenteraad bepaalt wat er in een omgevingsplan staat.

Hoe werkt het?

Als u wilt weten welke functies en activiteiten zijn toegestaan, bijvoorbeeld als u een huis koopt of een bedrijf wil starten, geeft het omgevingsplan antwoord op vragen als:

  • Mag er worden gebouwd of verbouwd?
  • Mogen bedrijven zich hier vestigen?
  • Hoe mag een stuk grond worden gebruikt?
  • Mogen er wegen worden aangelegd?

Extra informatie

Een omgevingsplan bestaat uit:

  • regels die bepalen of en hoe er gebouwd mag worden en hoe de grond gebruikt mag worden
  • een toelichting waarin het omgevingsplan wordt uitgelegd en waarom voor die regels is gekozen

Omgevingsplannen in voorbereiding

De omgevingsplannen in voorbereiding kunt u bekijken in het Omgevingsloket. Ga naar het Omgevingsloket.

Omgevingsvergunning

Bent u van plan om iets te bouwen of te verbouwen aan of bij uw woning of bedrijf? Een dakkapel plaatsen bijvoorbeeld? Reclame aanbrengen op het pand? Een bijgebouw bouwen, of juist slopen? Een uitrit verplaatsen? In dit soort gevallen heeft u vaak een omgevingsvergunning nodig. U doet de aanvraag voor een omgevingsvergunning in het Omgevingsloket van de overheid.

Bent u van plan om te bouwen, verbouwen of slopen?

Niet in alle gevallen heeft u een omgevingsvergunning of een melding nodig voor uw plannen. Via de Vergunningscheck in het Omgevingsloket kunt u bepalen of u een vergunningsaanvraag moet indienen of een melding moet doen.
De gegevens die u tijdens deze check invult, worden automatisch overgenomen in uw uiteindelijke aanvraag of melding. Het systeem geeft direct aan welke vervolgstappen voor u gelden, zoals het indienen van een melding of het aanvragen van een vergunning.

Twijfel over de haalbaarheid van uw plan?

Overleg vooraf met de gemeente over uw plannen. Dan komt u niet voor verrassingen te staan. Dit kan met een conceptaanvraag. Neem bij het maken van uw plannen zo vroeg mogelijk contact op met de gemeente. Een conceptaanvraag kunt u indienen via het Omgevingsloket.

De gemeente bekijkt hoe wenselijk en haalbaar uw plan is. U ontvangt aan het einde van het proces een eindbrief met een advies. Hierdoor krijgt u vooraf duidelijkheid over de haalbaarheid van uw plan, voordat u een omgevingsvergunning indient. Dit kan tijd en kosten besparen. Wij streven ernaar om een conceptaanvraag binnen ongeveer 9-14 weken te beoordelen, al kan dit in sommige gevallen langer duren.

Voor het in behandeling nemen van een conceptaanvraag betaalt u kosten (leges) aan de gemeente. Deze kosten zijn € 411,00. Wanneer u naar aanleiding van de conceptaanvraag een omgevingsvergunningsaanvraag indient, worden de al betaalde leges voor de conceptaanvraag in mindering gebracht op de legeskosten van de omgevingsvergunning.

Hoe vraag ik een omgevingsvergunning aan?

De omgevingsvergunningsaanvraag of melding kunt u indienen via het Omgevingsloket.

Voor het indienen van een aanvraag heeft u DigiD en/of eHerkenning nodig. Soms moet u werkzaamheden alleen maar melden, voor andere activiteiten heeft u een omgevingsvergunning nodig. U heeft bijvoorbeeld een omgevingsvergunning nodig als u gaat (ver)bouwen, slopen, een alarminstallatie plaatst of een boom wilt kappen. 

  • Voor een omgevingsvergunningsaanvraag voor een woning heeft u uw DigiD nodig.
  • Voor een omgevingsvergunningsaanvraag voor een bedrijf heeft u eHerkenning nodig.

U ontvangt van ons bericht zodra er een besluit is genomen op uw aanvraag.

Hoelang duurt het?

De meeste aanvragen worden binnen 8 weken behandeld. Op sommige aanvragen is de uitgebreide procedure van toepassing van 26 weken. U wordt geïnformeerd welke termijn voor uw aanvraag geldt in de procedurebevestiging.  De gemeente kan de termijn met 6 weken verlengen. U ontvangt van ons bericht zodra er een besluit is genomen op uw aanvraag.

Wat kost het?

Aan het doen van een melding zijn geen kosten verbonden. 

Voor de aanvraag voor een omgevingsvergunning moet u kosten (leges) aan de gemeente betalen. De kosten van de leges verschillen per aanvraag. U kunt kosten besparen door uw aanvraag in één keer compleet aan te leveren. U kunt hiervoor contact opnemen met de gemeente Opmeer, telefoon 0226 – 363 333 of stuur een e-mail naar gemeente@opmeer.nl

Wat moet u aanleveren?

Het aanleveren van documenten en gegevens hangt af van uw aanvraag. Denk bijvoorbeeld aan:

  • Een berekening en/of bouwtekening
  • Plattegronden van de verdiepingen van het gebouw (schaal 1:100)
  • Een situatietekening (schaal 1:1000 tot 1:1500)
  • Een tekening van de gevelaanzichten (schaal 1:100)
  • Dwarsdoorsneden en lengtedoorsneden (schaal 1:100)
  • Details over het uiterlijk van het bouwwerk

Zorg ervoor dat u tekeningen meestuurt die de huidige én nieuwe situatie laten zien. Tekenwerk moet wel goed en duidelijk te beoordelen zijn, bij voorkeur door een architect of tekenbureau en niet schetsmatig.

Eisen bij reguliere procedure voor nieuwbouw:

  • Tekening van de nieuwbouw (gevels, doorsnede, plattegronden, situatie en kleur- materiaalstaat)
  • EPC berekening inclusief de Bouwbesluittoets
  • MPG berekening
  • Details
  • Bouwveiligheidsplan (bij nieuwbouw waar veiligheidsrisico’s zijn voor omstanders)
  • Onderbouwing opgegeven bouwsom
  • Melding activiteitenbesluit (bij bedrijven)

Eisen bij reguliere procedure voor verbouw:

  • Tekening van de verbouw met daarop bestaande en nieuwe situatie (plattegrond, gevels, doorsnede, situatie en kleur- en materiaalstaat)
  • Bouwbesluit-toets (daglicht en ventilatieberekening)
  • Details
  • Bouwveiligheidsplan (bij verbouw waar veiligheidsrisico’s zijn voor omstanders)
  • Onderbouwing opgegeven bouwsom
  • Melding activiteitenbesluit (bij bedrijven)

Behoud van historische waarden

Bij verbouw en nieuwbouw moet u rekening houden met historische waarden aan het gebouw en/of in het landschap. Binnen West-Friesland is er regionale samenwerking op het gebied van archeologie met Archeologie West-Friesland.

De voorkeur gaat uit naar archeologie onaangetast in de bodem bewaren. Dit is niet altijd mogelijk, waardoor het noodzakelijk kan zijn de archeologische waarden te onderzoeken. Volgens de wet geldt het principe ‘de verstoorder betaalt’. Dit betekent dat degene met (ver-)bouwplannen de kosten voor het archeologisch onderzoek moet betalen. Bespreek in een vooroverleg met de gemeente of hiervan sprake is en bespreek de te nemen stappen. De gemeente gaat meestal als volgt te werk:

  • De gemeente vraagt een archeologische quickscan aan bij Archeologie West-Friesland. Deze eerste scan is gratis.
  • De quickscan geeft aan wat binnen het plan te verwachten valt qua archeologie en of verder onderzoek noodzakelijk is.
  • In sommige gevallen is moeten het bouwplan aangepast worden. U krijgt hierover advies van de gemeente of Archeologie West-Friesland.

Heeft u vragen over natuur, bodem, water en veiligheid?

Voor vragen over asbest, natuur (dieren en groen), bodem, zwemwater, vaarwegen en handhaving op het gebied van milieu, veiligheid en duurzaamheid neem dan contact op met de Omgevingsdienst Noord-Holland Noord, telefoon 088 - 10 21 300 of kijk op https://www.odnhn.nl/

Bent u het niet eens met de beslissing van de gemeente? 

Dan kunt u bij de reguliere procedure binnen 6 weken bezwaar maken. Bij de uitgebreide procedure stelt de gemeente eerst een ontwerpbesluit op. Dit ontwerpbesluit ligt vervolgens 6 weken ter inzage, waarin iedereen de mogelijkheid heeft om een reactie (zienswijze) in te dienen. Ook u kunt in deze periode aangeven als u het niet eens bent met het ontwerpbesluit.

Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb)

De Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) heeft als doel de bouwkwaliteit te verbeteren. Voor bepaalde eenvoudigere bouwwerken is geen technische bouwvergunning meer nodig. In plaats daarvan is een bouwmelding verplicht. Een onafhankelijke kwaliteitsborger controleert het hele proces van plan tot oplevering. Hierdoor is de rol van de gemeente veranderd.

Wie is waarvoor verantwoordelijk?

Voor bouwwerken uit gevolgklasse 1 is geen technische bouwvergunning meer nodig. De gemeentelijke toets aan de technische bouwregels in het begin van het bouwproject is verdwenen. Dit is nu de rol van de kwaliteitsborger. Deze onafhankelijke controleur houdt de bouw in de gaten van plan tot oplevering. Zo worden alle technische eisen gecheckt, precies op het moment dat het kan én nodig is. Dit scheelt tijd, voorkomt (dure) fouten en geeft de opdrachtgever meer bescherming.

De gemeente is nog wel toezichthouder. Ze heeft dus nog altijd al haar toezichthoudende en handhavende bevoegdheden. Ze is verantwoordelijk voor het toezicht op de bestaande bouw en omgevingsveiligheid. Net als voor de vergunningen die wel nodig zijn. En alleen de gemeente mag de bouw stilleggen. Bijvoorbeeld als er een groot probleem ontstaat tijdens het bouwen.

Wat doet een kwaliteitsborger?

De Wkb geldt eerst voor gebouwen in de zogenoemde gevolgklasse 1. Dit zijn gebouwen met beperkt risico, zoals woningen en eenvoudige bedrijfspanden. Gaat er iets mis met de bouw, dan zijn de gevolgen voor de bewoner of gebruiker in verhouding minder groot dan bij bijvoorbeeld een ziekenhuis. Of uw bouwproject onder de Wkb valt, kunt u nagaan via Omgevingsloket en het IPLO.  

Valt uw bouwwerk onder gevolgklasse 1? Dan moet u, vóór u aan de slag kunt, een onafhankelijke kwaliteitsborger opdracht geven. Via het Register Kwaliteitsborging vindt u een overzicht van kwaliteitsborgers.  

Doe vooraf een bouwmelding bij de gemeente

Met de risicobeoordeling en het borgingsplan van de kwaliteitsborger moet u, of uw architect, adviseur of aannemer, een bouwmelding doen bij de gemeente. Ook dit doet u via Omgevingsloket.nl.  Bij de melding geeft u aan met welke kwaliteitsborger u samenwerkt.

In een borgingsplan geeft de kwaliteitsborger aan wat er moet gebeuren zodat uw bouwproject uiteindelijk aan alle technische bouwregels voldoet. In een risicobeoordeling legt de kwaliteitsborger vast wat de risico’s zijn van uw bouwplannen vanuit de omgeving. Denk aan een zachte bodem waardoor er extra aandacht nodig is voor de fundering.

Als de kwaliteitsborger of de gemeente een probleem ziet, kan de gemeente de bouw stilleggen.

  • De bouwmelding moet uiterlijk vier weken voor u met de bouw start bij de gemeente binnen zijn. Zonder deze melding mag u niet beginnen.
  • Doe de melding ook niet te vroeg: de bouwmelding is maar een jaar geldig. Check bij een hernieuwde melding of er risico’s vanuit de omgeving zijn veranderd of bijgekomen.

Meld start en einde bouwwerkzaamheden

De aannemer of opdrachtgever moet de gemeente informeren over wanneer de bouwwerkzaamheden beginnen en eindigen. Deze informatieplicht moet:

  • Ten minste 2 werkdagen vóór het begin van de bouwwerkzaamheden gedaan zijn.
  • Uiterlijk op de eerste werkdag ná afloop van de bouwwerkzaamheden gedaan zijn.
  • Gebeurt het informeren niet? Dan is het niet toegestaan om het bouwwerk in gebruik te nemen.

Deze informatieplicht geldt alleen als een omgevingsvergunning voor de technische bouwactiviteit of een bouwmelding verplicht is. Tijdens de bouw moet deze informatie aanwezig zijn.

Moet ik een gereedmelding doen?

Is het bouwwerk technisch klaar voor oplevering? Dan ontvangt u van de aannemer en de kwaliteitsborger informatie waarmee u een gereedmelding moet doen bij de gemeente. Hiermee geeft u de gemeente inzicht in de geleverde kwaliteit van het bouwwerk. Blijkt er later toch iets niet in orde? Dan kan deze informatie belangrijk zijn:

  • De aannemer geeft u de benodigde documenten voor:
    • Consumentendossier, ook wel opleverdossier genoemd;
    • Dossier Bevoegd Gezag;
    • Gereedmelding, waarin een beschrijving staat wat er precies gebouwd is en welke maatregelen er genomen zijn om risico’s vanuit de omgeving te beperken.
  • De kwaliteitsborger geeft u een verklaring waarin staat:
    • Met welk systeem de controle is gedaan;
    • Dat hij/zij dit systeem mag gebruiken;
    • Dat de controles op de juiste manier zijn uitgevoerd;
    • Dat hij/zij vindt dat het bouwwerk voldoet aan de bouwtechnische voorschriften.

Let op: de gereedmelding is een meldingsplicht. Zonder gereedmelding mag het gebouw niet worden gebruikt. U doet de gereedmelding via Omgevingsloket.nl, uiterlijk twee weken voordat het gebouw gebruikt gaat worden.

Wanneer kan het gebouw in gebruik worden genomen?

Als u het bouwwerk heeft gereed gemeld, controleert de gemeente of de gereedmelding volledig is en beoordeelt de verklaring van de kwaliteitsborger en de rest van de aangeleverde informatie. Is alle informatie die bij de gereedmelding hoort, op orde? Dan mag het gebouw twee weken na indiening van de gereedmelding in gebruik worden genomen.

Bij een onvolledige gereedmelding informeert uw gemeente u hierover zodat u ontbrekende informatie alsnog kan aanleveren. Let op: het bouwwerk is niet per se af als u de gereedmelding doet. Het is dan 'klaar' volgens de bouwregels. Soms zijn er nog werkzaamheden (zoals schilderwerk) die plaatsvinden voor de oplevering en in de twee weken voor de ingebruikname.

Participatie

Heeft u een plan, idee of initiatief dat invloed heeft op de omgeving? Dan is het belangrijk om uw omgeving daar op tijd bij te betrekken. Dit noemen we participatie. 
In Opmeer vinden we het belangrijk dat plannen voor de leefomgeving niet los van de omgeving worden gemaakt. Daarom vragen wij initiatiefnemers om in gesprek te gaan met omwonenden, ondernemers of andere betrokkenen voordat zij een plan uitvoeren of een vergunning aanvragen.

Waarom participatie?

Participatie helpt om plannen beter te maken. U hoort op tijd wat er leeft in de omgeving, welke vragen er zijn en of er zorgen of aandachtspunten zijn. Dat kan helpen om uw plan aan te passen of beter toe te lichten. Ook voor de gemeente is participatie belangrijk. Bij een vergunningaanvraag kijken wij hoe de omgeving is betrokken, welke reacties zijn gegeven en wat daarmee is gedaan. Zo kunnen wij een zorgvuldige afweging maken.

Is participatie verplicht?

Participatie is in sommige gevallen verplicht. De gemeenteraad heeft hiervoor een lijst vastgesteld.

Is participatie niet verplicht? Dan raden wij het nog steeds aan. In de praktijk zien we dat plannen vaak beter worden wanneer de omgeving vroeg wordt betrokken. Ook helpt het om misverstanden en bezwaren te voorkomen.

Participatie is maatwerk

Niet ieder plan is hetzelfde. De participatie die daarbij past dus ook niet. Hoe u participatie organiseert, hangt af van de invloed van uw plan op de omgeving. Om participatie goed in te richten, raden wij u aan gebruik te maken van het participatiekader en de participatieverordening van de gemeente Opmeer.

Plan met zeer beperkte impact

Heeft uw plan weinig invloed op de omgeving? Dan is het meestal voldoende om uw directe buren te informeren. Denk bijvoorbeeld aan:

  • een dakkapel
  • een kleine uitbouw
  • een schuur of bijgebouw

Wat kunt u doen?

  • Informeer uw buren aan de linker- en rechterkant en, als dat nodig is, ook aan de voor- en achterkant.
  • Leg kort uit wat uw plan is.
  • Vraag of zij vragen of opmerkingen hebben.

Maak daarna een kort verslag. Zet daarin met wie u contact heeft gehad, wat de reacties waren en wat u daarmee heeft gedaan.

Plan met beperkte impact op de omgeving

Heeft uw plan meer invloed op de omgeving, maar blijft die invloed nog beperkt? Dan is meer participatie nodig. Bijvoorbeeld als:

  • meerdere omwonenden met uw plan te maken krijgen
  • er tijdelijk hinder kan ontstaan
  • of uw plan niet direct past binnen de bestaande situatie

Wat kunt u doen?

  • betrek omwonenden en andere direct belanghebbenden op tijd
  • leg duidelijk uit wat uw plan is en wat de gevolgen kunnen zijn
  • geef mensen de kans om vragen te stellen of mee te denken
  • leg vast welke reacties u heeft gekregen en wat u daarmee heeft gedaan

Plan met grote impact op de omgeving

Heeft uw plan veel invloed op de omgeving? Bijvoorbeeld door een grote ruimtelijke verandering, extra verkeer, hinder of doordat veel belangen samenkomen? Neem dan eerst contact op met de gemeente.

Samen bekijken we:

  • hoe de participatie het beste kan worden georganiseerd;
  • wie u moet betrekken;
  • en wat nodig is voor een zorgvuldige aanvraag.

Vaak betekent dit dat u:

  • omwonenden en andere belanghebbenden actief betrekt;
  • uw plan bespreekt in gesprekken of tijdens een bijeenkomst;
  • en een duidelijk verslag maakt van de reacties en de verwerking daarvan.

Een goed participatieverslag is bij dit soort plannen een belangrijk onderdeel van uw vergunningaanvraag.

Vragen?

Heeft u vragen over participatie of wilt u advies over hoe u uw omgeving kunt betrekken? Neem dan contact op met de gemeente Opmeer via 0226 – 363 333 of mail naar gemeente@opmeer.nl.