Vleermuizen tellen in de kerktoren
Hoog in een kerktoren in Hoogwoud richt burgemeester Herman Wiersema zijn zaklamp op enkele balken. Samen met wethouder Daniel Hagens, Tamara Raven en Kevin Harms van de Zoogdiervereniging en ecoloog Theo Koelman ontdekt hij een watervleermuis tussen de muur en een balk. In drie kerktorens in de gemeente tellen zij vleermuizen. Vrijwilligers brengen de populaties jaarlijks in kaart. Kerktorens en kerkzolders zijn namelijk zeer geschikt als kraam- en verblijfplaats voor deze nuttige en beschermde dieren.
Isolatie zet verblijfplaatsen onder druk
Vleermuizen leven niet alleen in kerken. Ze verblijven ook in spouwmuren, onder dakpannen, achter gevelbekleding en op andere beschutte plekken in gebouwen. Doordat woningen steeds beter worden geïsoleerd, verdwijnen deze verblijfplaatsen. Daarom moeten bewoners voorafgaand aan isolatiewerkzaamheden vaak ecologisch onderzoek laten uitvoeren naar de aanwezigheid van onder meer vleermuizen.
Nieuwe onderkomens voor vleermuizen
De gemeente heeft al op veel locaties voorzieningen aangebracht waar vleermuizen kunnen verblijven, zoals opbouwkasten, inbouwkasten en open stootvoegen.
Soortenmanagementplan maakt verduurzamen eenvoudiger
Deze maatregelen maken onderdeel uit van het Soortenmanagementplan (SMP). Met dit plan worden beschermde soorten, zoals huismussen, gierzwaluwen en vleermuizen, gebiedsgericht onderzocht en beschermd. Wanneer het SMP naar verwachting volgend jaar gereed is, wordt het voor bewoners en woningeigenaren eenvoudiger om isolatie- en verduurzamingsmaatregelen uit te voeren zonder dat voor iedere woning afzonderlijk ecologisch onderzoek nodig is.